door ds. Attie Minnema

 

Overal zie je opeens regenboogvlaggen wapperen, al dan niet digitaal, op Social Media, op gebouwen en kerken. Mooi hoor die vlaggen, daar niet van. Maar de aanleiding is minder fraai. Afgelopen weekend, het eerste weekend van januari, werd de Nederlandse vertaling van de Nasville-verklaring verspreid. Een verklaring, overgekomen vanuit de Verenigde Staten, 2 jaar geleden opgesteld door evangelische christenen met als strekking: ‘homosexualiteit is volgens de Bijbel een zonde en het huwelijk is bedoeld alleen voor man en vrouw. De Nederlandse vertaling is inmiddels door zo’n 250 orthodoxe (uit de meer behoudende richting in de kerk) predikanten, voorgangers en vooraanstaande mensen waaronder SGP politici ondertekend. Na de heftige reacties op de verklaring hebben enkelen van hen hun ondertekening inmiddels weer ingetrokken.

 

Af en toe laait in de kerk de discussie over homosexualiteit op. In de Protestantse Kerk in Nederland is in een groot deel van de kerkelijke gemeenten homosexualiteit geen punt van discussie meer en zegening van een zogenaamd ‘homohuwelijk’ is in veel kerkelijke gemeenten mogelijk. In de ‘zwaardere’ gemeenten lijkt af en toe ook wat beweging te zijn en meer ruimte te komen voor homosexuelen om zichzelf te kunnen zijn. Maar als reactie daarop lijkt deze Nasville verklaring duidelijk een streep te willen zetten door die ruimte. Met het argument dat dat ‘Gods wil’ zou zijn.

 

Naast de vraag hoe men zo zeker denkt te kunnen zijn van ‘Gods wil’ wordt door deze verklaring heel veel schade en pijn gedaan aan de mensen om wie dit gaat en hun familieleden. Zeker degenen die na veel worsteling uit de kast durfden te komen of de homosexualiteit van een naaste hebben kunnen aanvaarden. Als predikant voel ik me beschaamd dat dit in ‘mijn’ kerk gebeurt.

 

Gelukkig zijn er de afgelopen dagen heel veel tegenreacties gekomen op deze Nasville-verklaring. Het bestuur van de landelijke Protestantse Kerk heeft verklaard dat deze verklaring onverantwoord en beschamend is. En naast allerlei foto’s van regenboogvlaggen zijn er acties en petities gestart om een stem tegen deze verklaring te laten horen. Hopelijk kan dat voor al degenen die het betreft een steun zijn en hen laten weten en geloven dat er heel veel kerken en geloofsgemeenschappen zijn waar ze heel welkom zijn.

 

Ook als kerkelijke wijkgemeente in Ypenburg willen we uitdragen, zoals we dat al doen zolang we bestaan, dat ieder welkom is zoals hij of zij is, ieder een mooi en waardevol mens in Gods ogen, en dat liefde, in welke vorm dan ook, het volop waard is en ruimte mag krijgen om te worden geleefd.

Kleurrijk is de liefde, zo mag ze in Godsnaam bloeien, wij allemaal samen onder de regenboog.

 

Voor wie hierover wil praten, van harte welkom om contact op te nemen

 

www.kerkopypenburg.nl

Facebook Wijkgemeente De Toevlucht

Uit de kerk op Ypenburg

 

Er was geen plaats voor hem(n)

 

door ds. Attie Minnema

 

Nog een paar dagen dan is het Kerst. Met dat mooie, vertederende verhaal van een kind dat geboren wordt, met Jozef en Maria, de herders en de engelen met hun lied van ‘Vrede op aarde’. Tenminste, dat hebben we ervan gemaakt, een (bijna) romantisch verhaal en een feest van veel licht, gezelligheid en vrolijke liedjes die dat allemaal bezingen.

 

Maar zo romantisch en vrolijk is het kerstverhaal eigenlijk helemaal niet. Want ‘het kind ons geboren’ is een dakloze vluchteling voor wie geen plaats was om geboren te worden. En al heel snel in zijn jonge leven moest hij met zijn ouders vluchten naar Egypte om te ontkomen aan een brute kindermoord.

 

En dat verhaal is eigenlijk door alle eeuwen heen herhaald, tot op de dag van vandaag.

Uit de Kerk op Ypenburg

Even stilte graag

door: ds. Attie Minnema

Vorige week woensdag was het ‘Dankdag voor gewas en arbeid’, een dag op de kerkelijke kalender waarbij in sommige streken in het land en in bepaalde kerken op die woensdag een kerkdienst wordt gehouden. Dat gebeurt vooral in kerken in dat deel van ons land waar veel boeren en tuinders zijn.

Op deze ‘dankdag voor gewas en arbeid’ wordt dankbaarheid uitgesproken voor de oogst, voor al de gewassen die zijn gegroeid, ons dagelijks voedsel en het werk dat we kunnen doen.

Vroeger werd in veel meer kerken stil gestaan bij deze dag en een kerkdienst gehouden. Maar de aandacht hiervoor is veel kleiner geworden doordat de agrarische sector, land en tuinbouw verder uit de belevingswereld van mensen is geraakt. En eten als vanzelfsprekend in allerlei smaken en merken in de supermarkten staat. Kinderen weten soms niet eens meer waar melk en vlees en groenten vandaan komen, dat je daar koeien voor nodig hebt en dat boeren en tuinders er hard voor werken.

Dat ons dagelijks voedsel zo rijk en bijna vanzelfsprekend voor handen is, maakt dat de dankbaarheid daarvoor ook veel minder aandacht krijgt. Hoogstens als we op het journaal zien dat er ergens in de wereld een hongersnood is, beseffen we, misschien even, hoe overvloedig en rijk ons voedselaanbod iedere dag weer is.

Pas geleden stond er in een vragenrubriek in een krant een vraag van iemand die er vreemd op aangekeken werd bij het eten even een moment van stilte te vragen, om in stilte te kunnen bidden voor het eten. Lastig werd dat gevonden en eigenlijk ook opdringerig dat deze persoon de groep zijn geloof op wilde dringen. Dit lijkt weer een voorbeeld van de opvatting dat godsdienst een privézaak is en vooral achter de voordeur moet blijven. Blijkbaar kost het moeite om even een (kort) moment van respect op te brengen voor iemands geloof.

Daarnaast kun je je afvragen of niet altijd een moment van stilte voor het eten op z’n plaats zou zijn. Voor ieder, religieus of niet, een moment van bezinning om er even bij stil te staan dat het eten dat voor ons staat niet als vanzelf beschikbaar is en dat het niet voor alle mensen op de wereld vanzelfsprekend is dat er iedere dag voldoende te eten is, dat er heel veel mensen daarin tekort komen. Een moment van dankbaarheid voor de overvloed waarin en waarmee wij leven.

Uit de Kerk op Ypenburg

Israël

door: ds. Attie Minnema

Afgelopen zondag was het in de Protestantse Kerk Israëlzondag. Eén zondag in het jaar, de eerste zondag van oktober, wordt er in veel protestantse kerken in Nederland extra aandacht besteed aan de joodse wortels van het christelijk geloof. Dat doen we eigenlijk iedere zondag wel door bijna altijd in de zondagse kerkdienst minstens één psalm te zingen, de liederen die we samen delen met het joodse volk. Immers het boek Psalmen staat zowel in de joodse Bijbel als in de christelijk Bijbel.

En zelfs een groot deel van de Bijbel delen we samen met het joodse geloof. Het Oude Testament, misschien kun je beter zeggen, het Eerste Testament, maakt ook deel uit van de joodse Bijbel. We delen dan ook samen het geloof in dezelfde God. Daarnaast leest de christelijke kerk het Nieuwe, het Tweede Testament met de verhalen over Jezus. Jezus die volop een joodse man was, deel van het volk Israël. Dus als wij als christenen zeggen dat we bij Jezus horen, dan horen we ook bij het joodse volk. En eigenlijk moet je zeggen dat we de Bijbel en Jezus z’n woorden en boodschap niet goed kunnen begrijpen als we niets weten van het joodse volk en het joodse geloof. Zelfs dat wij er als kerk niet zouden zijn zonder Israël.

Daarom dus, Israëlzondag, om daar één keer per jaar extra bij stil te staan, bij de verbondenheid met het joodse volk en het joodse geloof. Ook in de kerkorde, het ‘reglement’ van de Protestantse Kerk,  staat benoemd dat we ‘onopgeefbaar verbonden zijn met het volk Israël’. Maar veel christenen hebben moeite met die uitspraak vanwege de actuele situatie van het volk Israël, het conflict met de Palestijnen, de houding die de staat Israël daarin inneemt en het geweld dat de staat daarin gebruikt. Misschien mede om die reden werd Israëlzondag aangekondigd als een zondag waarop we als christelijke kerk stil staan bij onze ‘joodse wortels’. Daarin klinkt meer de inhoudelijke verwijzing naar de joodse Bijbel en het joodse geloof dan naar de actuele staat Israël.

Samen met het joodse volk verwachten we de toekomst van Gods Koninkrijk, een rijk van vrede en gerechtigheid. Ook die verwachting verbindt ons met elkaar. Als dat rijk van God er zal zijn, dan zal er ook vrede zijn in het Midden-Oosten, voor Israël én voor de Palestijnen, voor heel de wereld. Dan zullen we ons als mensen wereldwijd met elkaar verbonden voelen.

Israëlzondag is hopelijk ook een inspiratie om daarin te blijven geloven en daaraan, samen, te blijven werken.

Uit de Kerk op Ypenburg

Toen was geloof heel gewoon

door: ds. Attie Minnema

Sinds enkele weken zend de Evangelische Omroep op zaterdagavond een programma uit met de titel ‘Toen was geloof heel gewoon’. Andries Knevel, bekend EO coryfee reist door Nederland en gaat in gesprek met bekende en onbekende Nederlanders over de vraag: ‘Wat is er veranderd in ons land als het gaat over geloof en kerk, en vooral ook: ‘waardoor is dit alles zo veranderd?’ Of zoals Knevel het zelf in de eerste uitzending verwoordt: ‘Wat is er mis gegaan?’. Immers, het aantal mensen in ons land dat naar kerk gaat is sterk gedaald, met als gevolg het sluiten van vele kerken.

De EO bestaat dit jaar 50 jaar, heeft al die jaren geprobeerd het geloof uit te dragen en het jubileum van de omroep is zeker een aardige aanleiding om een dergelijke programma te maken.

Het ‘toen’ in de titel verwijst naar de jaren 60. Tweederde van de Nederlanders bezocht in die jaren regelmatig een kerk, terwijl dit in 2017 gedaald is naar 25% van de Nederlandse bevolking. Is het geloof voor een groot deel verdwenen of geven we op een andere manier vorm aan het geloof?

De ontkerkelijking is een feit. Onderzoeken tonen aan dat steeds minder Nederlanders zich gelovig en/of kerkelijk noemen en dat steeds minder mensen naar de kerk gaan.

Maar was geloof toen echt zo ‘gewoon’ of was het vooral ‘gewoon vanzelfsprekend’, eigenlijk niets bijzonders want (bijna) iedereen waar je mee omging, ging naar de kerk. Kerk en geloof was voor veel mensen inderdaad ‘een gewoonte’ die erbij hoorde, bij je leven.

Wat je in ieder geval van kerkleden nu kunt zeggen is dat voor (de meesten van) hen gelovig zijn en naar de kerk gaan niet iets ‘gewoons’ is. Het is een bewuste keus en gezien de omgeving waarin men leeft zeker geen vanzelfsprekendheid, eerder ben je een uitzondering.

We moeten ook niet doen alsof eeuwenlang, sinds het jaar 0 (de geboorte van Jezus) de kerken altijd stampvol hebben gezeten. Eigenlijk altijd is er een kleine groep geweest die het geloof intensief beleefde, bijvoorbeeld in de kloosters, en een hele grote massa die als vanzelfsprekend kerklid was, bijvoorbeeld omdat het christendom staatsgodsdienst was of heel de cultuur vormde, zonder dat men heel intensief kerkelijk meeleefde. De uitdrukking ‘geloven op wielen’ is wat dat betreft veelzeggend: slechts drie keer in het leven ging men dan naar de kerk: in de kinderwagen voor de doop, in de trouwkoets om te trouwen en bij je begrafenis in de rouwwagen.

Geloven is en kan niet ‘gewoon’ zijn. Het is een bijzondere dimensie in het leven die soms moeite kost, tijd vraagt en af en toe een bewuste keus om ‘erbij te blijven’ en je geloofsbeleving levend te houden. Dan kan geloof en geloven je veel opleveren aan bemoediging en zingeving, hoop en dragende kracht in je leven, en dat is zeker niet ‘gewoon’.

Uit de Kerk op Ypenburg

Sportief

door: ds. Attie Minnema

Het is weer een drukke sportzomer. We gaan van het ene sportevenement naar het andere. En eerlijk gezegd mag ik er graag naar kijken: Wimbledon, de Tour de France en natuurlijk deze weken het EK vrouwenvoetbaltoernooi. Ik kan genieten van de mooie acties, kracht, sierlijkheid, het samenspel en de samenwerking, emoties van vreugde en daarbij uiteraard ook teleurstelling en desillusie.

Sport is vaak een treffende afspiegeling van het gewone leven. Je hebt winnaars, de succesvollen, vaak veelverdieners. Je hebt verliezers, door pech of tegenslag, of omdat het talent, de kracht of de mogelijkheden ontbreken. En je hebt een grote hoeveel knechten, helpers, die vaak op de achtergrond en naamloos zich inzetten en zwoegen voor de kopman of de ster van het team.

Hoe goed je ook bent, in je sport, je vak, hoe hoog je ook aan de top staat, niemand kan zonder de grote groep helpers, verzorgers of harde werkers op de werkvloer.

En zo heeft iedereen op bepaalde tijden in het leven helpers nodig, of je kunt het zelf zijn voor iemand. Het Bijbelse scheppingsverhaal vertelt het al: ‘God dacht: het is niet goed dat de mens alleen is, ik zal een helper voor hem maken die bij hem past’. Een oude vertaling zegt: ‘een hulp hem tegenover’, daar spreekt gelijkwaardigheid uit. Dus niet de één, bijv. de vrouw, als hulpje voor de ander, de man (zoals het ook in de kerk wel vaak is uitgelegd). Maar hulp voor elkaar, over en weer. Iedereen kan in een positie komen dat hij of zij hulp en steun nodig heeft en gelukkig ben je als je dan iemand om je heen hebt die jou hulp kan geven: partner, vrienden of vriendinnen, buren, mantelzorgers, hulp- en zorgverleners.

Net als in de sport is aandacht en roem en ook verdienste in de gewone maatschappij vaak heel oneerlijk verdeeld. Ook in die zin spiegelt sport treffend het gewone leven. Lang niet altijd gaan we sportief met elkaar om en vaak strijken degene met de eer waarvoor anderen zich minstens zo hebben ingezet.

Ook de maatschappij in de Bijbelse tijd tekent die ongelijkheid tussen mannen en vrouwen, tussen rijken en armen, bazen en slaven. Toch heeft Jezus laten zien dat voor hem iedereen erbij hoort en op de eerste plaats komt: vrouwen, armen, zieken, degenen die door fouten of tegenslag aan de rand van de samenleving staan en ook de rijken en ieder die het goede zoekt en wil doen. Die ‘sportief’ in het leven wil staan, zo dat iedereen daarin volop en in gelijkheid mee kan doen.

Volgende kerkdienst

Eerstvolgende kerkdienst is op
Zon 20 Januari om 10:00 uur in H. Bartholomeuskerk

Informatie bij deze dienst:
Oecumenische viering in de H. Bartholmeuskerk aan de Veenweg in Nootdorp. Deze viering wordt georganiseerd door de Raad van Kerken Nootdorp-Ypenburg in het kader van de Week van Gebed voor eenheid van de Christenen. Het thema van deze viering is: ?Recht voor ogen?. Voorgangers: Diaken Dick Vrijburg (r.k. parochie), Petra Vossegat (Ipse De Bruggen) en ds. Attie Minnema. In deze viering is er kindernevendienst voor de kinderen van de basisschool. In De Toevlucht is deze ochtend geen kerkdienst.

Voorganger: Diaken Dick Vrijburg, Petra Vossegat, ds. Attie Minnema
Ouderling van dienst: Yuri Sigmund