Agenda voor de komende week

di 22 mei 20:00 - 21:30
Cantorij - De Toevlucht


wo 23 mei 09:30 - 11:00
werkgroep pastoraat - De Toevlucht


wo 23 mei 20:00 - 22:00
(grote) wijkkerkenraad - De Toevlucht


do 24 mei 20:00 - 22:00
Rond de 30 kring - IJsvogelhof 18


Volgende kerkdienst

Eerstvolgende kerkdienst is op Zon 20 Mei om 10:00 uur in De Toevlucht
Informatie bij deze dienst:
Gezamenlijke viering in De Toevlucht, voorganger ds. G. van Herk. Zondag 20 mei, zondag Exaudi: Luister!, of: Zondag van de weeskinderen. De naam van deze zondag herinnert aan de belofte van Jezus voor zijn Hemelvaart: ‘Ik zal jullie niet als weeskinderen achterlaten’. Lezingen: Exodus 19: 1-11, Handelingen 1:12-26, Johannes 17: 14-26. KND Hemelvaart van Jezus. M.m.v. de Cantorij;
Predikant: Ds. A. Minnema

Preek Dienst door gemeenteleden

Dienst door gemeenteleden, zondag 14 januari 2007, Kanazondag,  Johannes 2: 1 – 11,

(Deel Hans Bouman)

Omwille van Sion zal ik niet zwijgen,
omwille van Jeruzalem ben ik niet stil,
totdat het licht van haar gerechtigheid daagt
en de fakkel van haar redding brandt.

Zo begint de schriftlezing die we vanmorgen uit het oude of eerste testament hebben gelezen,
In volgende verzen worden woorden genoemd als schitterende kroon, koninklijke tulband
maar ook verlatene en troostloos oord, mijn verlangen en mijn bruid waarover God zich verblijdt.

Teksten uit de profeten zijn altijd intrigerende teksten, soms hebben ze iets mystieks over zich, de profeten spreken vaak in beelden.
Vaak zit er achter die beeldtaal een diepere laag ……of meerdere lagen,
de woorden die de profeet  gebruikt hebben ons meer te zeggen dan alleen de letterlijke betekenis.

Om die lagen te ontdekken is het goed om de tijd en de context te bestuderen waarin de tekst is ontstaan:
De tekst van vanmorgen staat aan het einde van het boek Jesaja,
de tekst is geschreven in de stijl van Jesaja door verschillende ons onbekende profeten.

Wat is de situatie ?
Een deel van de ballingen is teruggekeerd uit Babylonie,waarheen zijn waren weggevoerd teruggekeerd in Jeruzalem
Het land, de stad en de tempel zijn verwoest, en moeten weer worden opgebouwd.

Samen met degenen die zijn achtergebleven proberen de teruggekeerde ballingen de stad en land weer op te bouwen.
Maar de vreugde over terugkeer wordt spoedig de bodem in geslagen,
oude tegenstellingen steken de kop weer op,
mensen komen weer tegenover elkaar te staan.

De kloof tussen droom, wordt zichtbaar
de droom om weer samen te leven in de herbouwde stad,
en werkelijkheid,
 de werkelijkheid van verwoesting en conflicten,
die kloof blijkt diep en moeilijk te overwinnen.

Er lijkt, ook in onze tijd, niet veel veranderd in het menselijk bestaan,
ook bij ons gaapt er soms een gat tussen wens en werkelijkheid.

Wij allemaal hebben de wens, het verlangen om in vrede en harmonie met elkaar te leven, onze aarde te bewerken als rentmeesters, het leven te leven zoals het ten diepste bedoeldis,
als een geschenk,… en het leven voor elkaar tot een feest te maken

Maar de werkelijkheid is vaak zo anders,
de praktijk laat ons iedere dag op het journaal de negatieven gevolgen van ons menselijk handelen zien.
Tegenstellingen tussen arm en rijk,conflicten al dan niet gewapend, onderdrukking,

en wie zo af en toe het journaal van zijn of haar eigen leven bekijkt ziet daar ook minder fraaie dingen.

Vraag is dan:
Moeten we ons maar bij die werkelijkheid neerleggen in soort fatalisme?:
Je kunt er toch niets aan doen,
de dingen gaan zoals ze gaan,
en onze wens, ons verlangen dan maar vergeten?

Wanneer we dat doen klinkt de oproep, misschien wel de klacht,… het dringende appel van Jesaja  :
De oproep tot ommekeer, om een andere praktijk,  en de hoop op een nieuw bestaan,

een bestaan vanuit het verbond met God.

Het profetisch spreken van toen en ook nu richt zich tegen de tijdgeest en de omstandigheden.
Geen berusting in het cynisme, je laten meezuigen in collectieve angst voor het onbekende, vreemdelingen enz
De profeet roept om op te staan en je stem te laten horen
 tegen de duisternis en
 tegen onrecht,
tegen de onlustgevoelens,
te spreken daar waar mensen tekort komen.
Hoe makkelijk laten we er ons niet toe verleiden,
om ons te laten meeslepen
 in plaats van onze stem te laten horen als het feest, het goede leven, bedreigd wordt?

Dat dat zou moeten weten we allemaal wel
de wens, het verlangen is duidelijk –
het bijbelse visioen spiegelt het ons voor,
de werkelijkheid is vaak anders.

Vanuit de wens, het bijbelse visioen, worden we geroepen om in de werkelijkheid in actie komen,
als de wijn op de bruiloft op dreigt te raken 
moeten we onze stem laten horen:

zoals Maria zegt “Ze hebben geen wijn meer”

(Deel Ada Lindeboom)

Dan is daar in het Johannes evangelie Maria de moeder van Jezus.
Maria is samen met Jezus op de bruiloft aanwezig.
Als eerste merkt zij dat de wijn bijna op is. Zij maakt zich daar zorgen om.
Maar zij probeert zich op de achtergrond te houden, zoals moeders dat proberen.
Zij willen graag hun kinderen met raad en daad bijstaan, maar als er niet om gevraagd wordt is het vaak beter om te zwijgen.
Tenslotte wordt het vaak als bemoeizuchtig geïnterpreteerd en zo wil een moeder toch zeker niet zijn.
Kinderen gaan hun eigen weg, al ziet moeder het op een mislukking uitlopen, zij zal lang wachten met er iets over te zeggen.
Maria ziet het bruiloftsfeest mislukken. Hoe moet dat nou een bruiloft zonder wijn?
Het ongeduld komt toch in haar naar boven en zij kan haar mond niet langer houden.
Zij loopt naar Jezus ( haar zoon) toe en fluistert hem in zijn oor: Zij hebben geen wijn!
Maria vindt dat Jezus in moet grijpen. Zij is ervan overtuigd dat hij het feest kan redden.
Hoe eerder er weer wijn is des te eerder is duidelijk dat het feest door kan gaan.
Ik denk dat wij in ons eigen leven het geluk en de vreugde ook wel eens een handje zouden willen helpen. Het haast af willen dwingen dat alles van een leien dakje gaat.
Dan wordt je ongeduldig. En zou je die betere wereld haast te voorschijn willen trekken.
Want het is toch afschuwelijk: al die mensen in nare omstandigheden.
 Het leven kan zo donker zijn!
Afdwingen dat het feest voor onszelf en anderen doorgaat werkt niet.
Jezus duwt Maria weg en zegt: Ik heb je niet nodig. Bemoei je met je eigen zaken.
Maria wordt als moeder afgewezen door haar zoon. Terwijl ze zo graag de dingen zelf wil organiseren en initiatief wil nemen.
Jezus laat zich niet dwingen door wat wij willen.
Jezus is niet boos als hij tot Maria spreekt.
Hij bedoelt hier te zeggen: Ik ben nu niet bezig als jou zoon. Maar als de zoon van God.
En het is nog niet de tijd dat iedereen weet dat ik de zoon van God ben. Dat komt later wel.
Het lijkt dat Maria dit snapt. Zij snapt ook dat Jezus wel iets gaat doen, want daarom zegt zij tegen het personeel: Wat Jezus zegt moet je doen, al is het nog zo vreemd.

(Deel Maarten de Boo)

Mijn vriend, waar heb je deze kostelijke wijn vandaan? Deze is verrukkelijk. Dit is is toch niet de wijn die wij hadden gekocht? Dit is een sterwijn, zo een die je eigenlijk zou willen voor een feest als dit, maar die onbereikbaar is. Een topwijn dus. Ik dacht dat je een paar uur geleden nog bezorgd keek, omdat de voorraad wijn wellicht niet genoeg zou zijn. En nu dit! En je zegt dat hiervan een aantal vaten vol zijn. Man, wat een rijkdom, wat een feest, roept hij verrukt. De gasten kunnen wat mij betreft zo veel drinken als ze willen. Dit feest hoeft nooit meer over te gaan. Mijn en ons geluk is eindeloos. Iedereen mag dat weten.

Wrokkig en ontevreden is een grote groep Nederlanders. Wrok zegt Van Dale is een bitter gevoel in het hart wegens aangedaan leed of onrecht, m.n. jegens de veroorzaker daarvan. Dat was een bericht wat vlak voor de kerstdagen vorig jaar door de media het land werd in gestuurd. De Wetenschappelijke Raad voor het regeringsbeleid, kortweg WRR, had een ontluisterende ontdekking gedaan: een grote groep Nederlanders is ontevreden. Zij willen zich niet inleven in anderen, bemoeien zich weinig met de buurt en hebben geen beeld van een betere wereld. Ze voelen zich persoonlijk geraakt, tekortgedaan. Ze zoeken naar iemand, naar een groep die ze dit aan kunnen rekenen.
Zo’n bericht zet ons weer met beide benen op de grond. Zoals Maria in het verhaal wat we gelezen hebben, kijken we goed om ons heen. Zij ziet dat er gasten dreigen tekort te komen. Ze voelt de ontevredenheid groeien: niet iedereen leeft met zijn hoofd in de wolken. Niet iedereen kan blijven teren op de liefdesverklaring van de god van Israël. “ Een bruiloft zonder wijn, een vreugdeloos verbond” (ZG6/012). Kijk maar om je heen: het feest wordt aardig bedorven. De wijn dreigt op te raken. Let maar op: als de feestvreugde verdwijnt, zal iedereen plotseling weer zien in wat voor gebroken wereld we nog leven: mensen kwetsen vaak in plaats van liefhebben, mensen laten elkaar glippen in plaats van vast te houden, mensen verminken elkaar in plaats van elkaar te koesteren, mensen gunnen elkaar het licht in de ogen niet in plaats van te genieten van de twinkeling in de ogen van de ander. Onze wereld is een bruiloft waarop de wijn opraakt: de gasten elkaar ongemakkelijk aankijken, omdat ze een grote kater vrezen als het ineens voorbij zal zijn. Bedienden lopen zenuwachtig rond om te redden wat er te redden valt. Er dreigt een blamage voor de familie. Een gevoel van spijt en ontevredenheid maakt zich van iedereen meester. Wie bederft toch ons feestje, wie gunt ons dat nou weer niet?
De bruidegom doet in het verhaal voor zijn gasten de ontdekking. Door een voor hem onbekend wonder wordt het feest van een desastreus einde gered. Het leek een fiasco te worden, het werd een knallend feest met een niet voor te stellen hoeveelheid van de beste wijn.
Dit verhaal wordt door de evangelist Johannes vastgelegd als het begin va het optreden van Jezus. De joodse leraar Jezus neemt tijdens zijn leven deel aan een bruiloft, het feest van een huwelijk. Het is het ultieme feest: vieren dat twee mensen aangeven verder als een te willen worden gezien: definitief willen zij bij elkaar horen en er voor elkaar zijn. Jezus was er bij en dat was volgens Johannes het moment waarop zijn getuigenis duidelijk werd. Het motto van Jezus’ optreden in de wereld wordt nu zichtbaar, zegt hij, opletten dus. Jezus zorgt voor een voortreffelijke wijn in een onvoorstelbaar grote hoeveelheid. In het verhaal wordt een hoeveelheid van ongeveer drieduizend liter genoemd. Alle zorgen over de voortgang van het feest kunnen vergeten worden, er moet nu genoten worden! Hij zorgt voor deze wijn; je kunt ook zeggen: hij is de wijn. Hij is zelf de vrucht van de wijnstok die overvloedige vreugde oplevert. De vreugde, liefde en vriendschap die in Jezus zijn en daarmee ook bij God gevonden kunnen worden, zijn eindeloos. De wijn kan uitgeschonken worden, uitdelen maar, wijnproeverij. Wij mogen van Jezus rijk leven en uitdelen. “Liefde laat zich voluit schenken als de allerbeste wijn”).

Maar dat is moeilijk voor ons: rijk leven als volgeling van Jezus. Rijk leven? Ook wij zijn vaak weinig tevreden, en hebben grote twijfels of het heil wel doorslaggevend zal kunnen zijn in deze wereld. We staan er vaak bij als of het feest al is bedorven voor ons. The party is over. Dat gevoel.

Maar dat is niet zo, zegt de evangelist Johannes, kijk maar. Jezus’  optreden begon hier op een bruiloft in het onooglijke Galilea, waar de toon werd gezet en zijn optreden heeft de toekomst. De hoeveelheid wijn is zo groot dat het feest zal door kunnen gaan, er is toekomst. Zijn heil heeft toekomst. Er is alle reden voor blijdschap en optimisme. De wijn geeft een warm gevoel van binnen, ze verbroedert. Er is genoeg om uit te delen. Laat anderen toch proeven van dat geluk, die verwondering die je hebt gevonden. Rijk leven is uitdelen, juist aan hen die minder bedeeld zijn: die tekort hebben aan belangstelling, zorg, vriendschap en aanraking.

Tevreden en rijk leven als gemeente? Moeilijk toch, om echt te genieten. We zijn vaak zo serieus, en zien zoveel bezwaren. En uitdelen: we zijn makkelijk naar binnen gericht. Uitdelen zit ons niet in het bloed. Maar van zo’n rijkdom, daar moeten we toch van delen? Aandacht, zorg, liefde, troost, advies, hulp, geld: uitdelen maar. Er is nog genoeg. Gewoon opnieuw in laten schenken.
We zingen na orgelspel met elkaar Het Lied van de wijn: daarin wordt het als volgt gezegd:
“O Geest van God, bewaar
ons altijd bij de Heer,
bewaar ons bij elkaar,
verbind ons meer en meer,
opdat wij vrolijk zijn,
gezond van ziel en bloed,
en bij uw bruiloftswijn
leven in overvloed.”

Amen

 

 


 

U bevindt zich hier: Home De Dominee Preken Preek Dienst door gemeenteleden